Woensdag is de vaste dag waarop ik beroepsopleiding heb in het Olympisch stadion. Vandaag stond de tweede bijeenkomst Burgerlijk Procesrecht op het programma. De docent, Fred Schermezon, praat honderduit over de termijnen, dagvaarding, de conclusie van antwoord, de comparitie, de hoofdregel in het bewijsrecht, de verzwaarde stelplicht enz. Hij illustreert de theorie aan de hand van mooie verhalen uit de praktijk. Bijna romantisch vertelt hij over het spel in de rechtszaal, de interactie met de rechter en de wederpartij, winnen, verliezen, schikken. Ondertussen worden er ook in groepjes opdrachten gemaakt.
Tegen lunchtijd zijn we naar de brasserie tegenover het Olympisch stadion gegaan waar we meestal naar toe gaan omdat je er prima kunt lunchen . Ik hou ‘t bij een pistoletje zalm, maar anderen gaan voor quiche, exotische salades etc. Altijd een leuk moment om met de mensen uit je opleidingsgroepje – advocaten van verschillende kantoren – nieuwtjes en ervaringen uit te wisselen.
Eenmaal terug, maakt de docent halverwege de middag plaats voor mevrouw Van Dijk. Zij is rechter bij de Rechtbank Haarlem en gaf ons praktische tips over wat je wel en wat je vooral niet zou moeten doen in de rechtszaal. Redelijk voor de hand liggende zaken maar toch leuk om van een rechter zelf te horen: (i) ga niet eindeloos herhalen, (ii) zorg voor chronologie en een lopend verhaal, (iii) noem geen 30 arresten, citaten zijn voldoende, (iv) geef per productie aan wat de relevantie is en zorg voor leesbare kopieën, (v) laat het potje Latijn achterwege en (vi) noem de partijen gewoon bij de naam.
Voor de groepsgenoten die werkzaam zijn in de procespraktijk lijken deze praktische tips meer toegevoegde waarde te hebben dan voor mij. Ik zou als advocaat bij Corporate waarbij de nadruk ligt op het begeleiden van transacties – onder andere fusies en overnames – haast vergeten dat de procespraktijk er ook nog is. Maar ik zal e.e.a. toch in mijn achterhoofd houden aangezien ik hoe dan ook – om mijn stageverklaring over drie jaar te kunnen behalen – minimaal 5 keer voor de rechter een verhaal moet houden (lees pleiten).
Categorie: Advocaten, beroepsopleiding, Burgelijk Procesrecht, Corporate, fusies, overnames, Rechtbank